From 1 - 10 / 34
  • The National Oceanographic Data Committee (NODC) of the Netherlands is the national platform for exchange of oceanographic and marine data and information, and for advisory services in the field of ocean and marine data management. The overall objective of the NODC is to effect a major and significant improvement in the overview and access to marine and oceanographic data and data-products from government and research institutes in the Netherlands. This is not done alone and only with a national focus, but on a European scale as an active partner in the Pan-European SeaDataNet project, complying to the INSPIRE and the new Marine Strategy EU Directives, and on a global scale as the Netherlands representative in major international organisations in this field, ICES and IOC-IODE. A major step has been made with the launch of the NODCi - National Infrastructure for access to Oceanographic and Marine Data and Information. This was developed in the framework of the Ruimte voor Geo-Informatie (RGI) programme as RGI-014 project. It includes a new NODC-i portal (www.nodc.nl), that provides users with a range of metadata services and a unique interface to the data management systems of each of the NODC members. By this Common Data Index (CDI) interface, users can get harmonised access to the datasets, that are managed in a distributed way at each of the NODC members. The NODCi portal functions as the Dutch node in the SeaDataNet infrastructure. The NODC CDI service contains several thousands of references to individual marine and oceanographic datasets. For inclusion in the National Geo Register these have been aggregated by combinations of Data Holding Centres - Disciplines. Each NGR - NODC record therefore represents a large number of individual metadata records and associated datasets. By following the specified URL to the NODCi portal, users can consider these metadata in detail and can achieve downloading of interesting datasets via the shopping cart transaction system, that is integrated in the NODCi portal.

  • Deze habitattypenkaart betreft een concept-versie.

  • Het LGN6 monitoringsbestand is een landsdekkend rasterbestand met een resolutie van 25 meter. De LGN6 klassen zijn geaggregeerd naar 8 monitoringsklassen. Het bestand biedt de mogelijkheid om met behulp van het veranderingsbestand veranderingen in het landgebruik tussen 2003 en 2008 te volgen. A.g.v. veranderingen in de methodiek bij de vervaardiging van LGN6 kan het zijn dat de monitoringsklassen van LGN5 en LGN6 gelijk zijn gebleven terwijl er wel een landgebruiksverandering is opgetreden in betreffende periode.

  • De robuuste verbindingen en ecologische verbindingszones zijn essentiele onderdelen van de EHS (Ecologische Hoofdstructuur), maar traces en de invulling is nog niet overal afgerond. Om die reden staan ze gearceerd op de EHS-kaart. De spelregels gelden niet voor het gearceerde gebied, met uitzondering van de natuurgebiedjes eronder. Zij zijn onderdeel van de EHS. Als de invulling van de verbindingen is afgerond, komt dat resultaat op de EHS-kaart. De volgende gegevens zijn gebruikt voor de verbindingszones:De robuuste verbindingen en de beekdalen met natuurontwikkeling als ecologische verbindingszone (POPII, kaart 3.) en de zoekgebied EVZ (gele gebieden uit rapport Goed op Weg 2007).

  • Het LGN6 veranderingsbestand is een landsdekkend rasterbestand met een resolutie van 25 meter. Dit bestand geeft plaatsen aan waar het landgebruik in de periode 2003-2008 is veranderd voor de 8 monitoringsklassen. Het bestand biedt de mogelijkheid om met behulp van het monitoringsbestand veranderingen in het landgebruik tussen 2003 en 2008 te volgen. A.g.v. veranderingen in de methodiek bij de vervaardiging van LGN6 kan het zijn dat de monitoringsklassen van LGN5 en LGN6 gelijk zijn gebleven terwijl er wel een landgebruiksverandering is opgetreden in betreffende periode.

  • De gemiddelde stand van het grondwater, verdeeld naar verschillende klassen. Dit wordt ook wel de Grondwatertrap (Gt) genoemd. De grondwaterstand wordt in het veld gemeten. De positie van deze metingen heeft een nauwkeurigheid van 25 meter. De Gt is berekend door gebruik te maken van het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN). De berekeningen zijn uitgevoerd op basis van een grid van 25 bij 25 meter. De dataset bevat 70 procent van het totale landoppervlak van Nederland. Opgenomen zijn alle gegevens van de provincie Noord-Brabant en van de waterschappen Peel en Maasvallei, Reest en Wieden, Rijn en IJssel, Regge en Dinkel en Velt en Vecht. De dataset bevat verder nog de gegevens van alle overige landbouwpercelen van de zandgebieden en lössgebieden in de rest van Nederland. De betrouwbaarheid van de Gt kan worden bepaald op basis van de betrouwbaarheid van de Gemiddelde Hoogste Grondwaterstand (GHG) en de Gemiddelde Laagste Grondwaterstand (GLG). De gegevens zijn geldig voor de periode vanaf 21 april 2005 tot en met 21 april 2010.

  • Uitgangspunt voor het creëren van deze kaarten is het bepalen van de as van de vaarweg. Deze aslijn is aan de hand van een berekening in ArcGis, nauwkeurig uitgezet. Hierbij is gebruik gemaakt van de oeverlijnen zoals vastgelegd in het huidige areaal GIS bestand. Gezien de onregelmatige structuur van de oevers leverde dit een nogal hoekige middenlijn op. Vandaar dat deze middenlijn deels door generalisatie, en deels met de hand is bijgesteld. Aan de hand van deze aslijn zijn de minimale vaargeulbreedtes uitgezet, zoals deze gelden voor dat specifieke traject. Dit is berekend door vanuit de middenlijn de helft van de vereiste breedte naar weerzijden uit te zetten (bufferen). Daar waar deze breedte de oevers overschrijdt ontstaan mogelijk infrastructurele knelpunten. Daar waar de vaarweg breder is dan de minimale eis ontstaat mogelijke beleidsruimte. Dit is de ruimte om bij uitwerking nader te bepalen welke functie daaraan wordt toegekend. Voor kunstwerken gelden andere eisen dus zijn hiervoor ook andere breedtes uitgezet. Om het geheel te completeren zijn de kaarten aangevuld met topografie, kilometrering en nautische functies zoals meerpalen, meerstoelen ed. Op basis van de scheepsafmetingen zijn handmatig wacht- en ligplaatsfuncties ingetekend. Voor elke functie is een kaartlaag aangemaakt. De functies zijn geinventariseerd, op beheerkaarten opgetekend en handmatig in Auto-Cad vastgelegd. De verkregen bestanden omgezet naar ArcGIS

  • Het bestand geeft van ieder waterschap in Nederland de grens, de naam en de zetel (plaats van vestiging).

  • Provinciale waterwegen, zoals vastgesteld in de Provinciale Omgevingsverordeing (december 2009)

  • Het LGN6_5 bestand is een landsdekkend rasterbestand met een resolutie van 25 meter waarin 39 vormen van landgebruik zijn onderscheiden. In het bestand worden de belangrijkste landbouwgewassen, een aantal natuurklassen en stedelijke klassen onderscheiden. Het LGN6_5 bestand heeft als basis het LGN6 rasterbestand waarbij op de locatie van landgebruiksveranderingen (tussen LGN5 en LGN6) LGN6 is vervangen met het landgebruik van LGN5. Het bestand heeft tot doel landgebruiks statistieken tussen LGN5 en LGN6 beter te kunnen vergelijken.