Zoeken
 
From 1 - 10 / 63
  • The National Oceanographic Data Committee (NODC) of the Netherlands is the national platform for exchange of oceanographic and marine data and information, and for advisory services in the field of ocean and marine data management. The overall objective of the NODC is to effect a major and significant improvement in the overview and access to marine and oceanographic data and data-products from government and research institutes in the Netherlands. This is not done alone and only with a national focus, but on a European scale as an active partner in the Pan-European SeaDataNet project, complying to the INSPIRE and the new Marine Strategy EU Directives, and on a global scale as the Netherlands representative in major international organisations in this field, ICES and IOC-IODE. A major step has been made with the launch of the NODCi - National Infrastructure for access to Oceanographic and Marine Data and Information. This was developed in the framework of the Ruimte voor Geo-Informatie (RGI) programme as RGI-014 project. It includes a new NODC-i portal (www.nodc.nl), that provides users with a range of metadata services and a unique interface to the data management systems of each of the NODC members. By this Common Data Index (CDI) interface, users can get harmonised access to the datasets, that are managed in a distributed way at each of the NODC members. The NODCi portal functions as the Dutch node in the SeaDataNet infrastructure. The NODC CDI service contains several thousands of references to individual marine and oceanographic datasets. For inclusion in the National Geo Register these have been aggregated by combinations of Data Holding Centres - Disciplines. Each NGR - NODC record therefore represents a large number of individual metadata records and associated datasets. By following the specified URL to the NODCi portal, users can consider these metadata in detail and can achieve downloading of interesting datasets via the shopping cart transaction system, that is integrated in the NODCi portal.

  • Vennen zijn kleine natuurlijke wateren die vanouds op heidevelden voorkomen en geheel of grotendeels gevoed werden met zuur regenwater. Natuurlijke vennen zijn dan ook zuur of licht zuur als enige buffering optreedt. De meeste vennen rusten op een ondoorlaatbare laag. Dat kan een lemige laag zijn, een keileemafzetting of een met humus verkitte laag in de ondergrond. De vennenkaart 1900 is gebaseerd op een analoge, ingescande versie van de topografische kaart van omstreeks 1900 (G.L. Wieberdink, 1990. Historisch Atlas Overijssel. Chromotopografische Kaart des Rijks 1:25.000). Deze vennen zijn op de huidige topografische kaart geprojecteerd. Vennen op de 1900 kaart zijn goed herkenbaar omdat het water met lichtblauw is aangegeven. Bij vergelijking van de huidige vennen met de situatie van 1900 valt op dat een deel van de vennen in 1900 niet op de kaart stonden. Op deze plekken was wel steeds sprake van natte laagten. Deze natte laagten zijn aangeduid als blauw-groen met onderbroken strepen. Op de 1900 kaart zijn deze natte laagten vaak aangegeven in de heide. Deze laagten zullen begroeid zijn geweest met zuur blauwgrasland, blauwgrasland of venachtige vegetaties. Het is niet aan te geven hoeveel van deze natte laagten in feite vennen waren die bijvoorbeeld in droge zomers droogvielen.

  • Archeologische verwachtingenkaart. De Archeologische verwachtingenkaart geeft de kans op het aantreffen van archeologische waarden aan, archeologische waarden zijn overblijfselen (in het landschap) van menselijke activiteiten uit het verleden. De kaart geeft een indicatie van de ligging van gebieden met een hoge, een middelhoge of een lage verwachtingswaarde. De kaart kan worden gebruikt bij het ontwikkelen van een visie op ruimtelijke plannen van regionale of provinciale aard.

  • Dit bestand bevat bufferzones van 250 meter rondom de verzuringsgevoelige gebieden (obv WAV). Met de Wet ammoniak en veehouderij (WAV) beperkt het Rijk de ammoniakuitstoot en daarmee de verzuring in de omgeving van natuurgebieden. De provincie Groningen heeft op basis van deze wet de voor ammoniak gevoelige gebieden aangewezen (zie Omgevingsverordening 2016). In deze zeer kwetsbare gebieden en in een bufferzone van 250 meter daar omheen mogen zich geen nieuwe veehouderijen vestigen en zijn de uitbreidingsmogelijkheden voor bestaande veehouderijbedrijven beperkt. Deze dataset is opgenomen in de Provinciale Omgevingsvisie 2016-2020 en de Omgevingsverordening 2016.

  • Het bestand geeft het Provinciaal Primair grondwaterstandsmeetnet weer op basis van veldwerk en waarnemingen middels Waterleidingbedrijf Vitens (NWG en WG). Door Gedeputeerde Staten in 2009 vastgesteld.

  • Categories  

    Overgangswater en kustwateren en, voorzover het de chemische toestand betreft, ook territoriale wateren. De oppervlaktewaterlichamen zijn verdeeld in vier categori‰n: kustwater, overgangswater, rivieren en meren. Een waterlichaam kan natuurlijk, kunstmatig of sterk veranderd zijn. De Rijkswaterstaat Kaderrichtlijn Water oppervlaktewaterlichamen bevat de waterlichamen die in beheer zijn bij Rijkswaterstaat en is een onderdeel van het nationale bestand met KRW oppervlaktewaterlichamen waarin ook de oppervlaktewaterlichamen van waterschappen is opgenomen. Het nationale bestand KRW oppervlaktewaterlichamen wordt ontsloten via het Informatiehuis Water.

  • Aan de basis van de vele gezichten van Brabant ligt de afwisseling van de niet-levende natuur: van reliëf, bodemtype en watersysteem. Slechts op sommige plaatsen hebben de (fossiele) verschijnselen van de niet-levende natuur nog een gave vorm of zijn aardkundige processen actief, hier is sprake van aardkundige waarden. De Provincie Noord-Brabant wil haar aardkundige waarden behouden en door het benoemen van aardkundige monumenten de bijzondere verhalen van die gebieden vertellen aan een breed publiek. Het puntenbestand geeft indicatief de ligging van de aangewezen monumenten weer. Het bestand zal worden uitgebreid als meer monumenten worden aangewezen.

  • Dit bestand bevat landschapstypen die op grond van verschillen in ontstaanswijze, grondsoort en beeldkenmerken zijn te onderscheiden. Landschap is een gebied zoals dat door mensen wordt waargenomen en waarvan het karakter bepaald wordt door de ontstaanswijze, natuurlijke (abiotische- en biotische-) en/of menselijke (antropogene) factoren en de interactie daartussen. Het karakter verschilt in Groningen, daarom is onderscheid gemaakt in landschapstypen. .

  • Het LGN5_6 bestand is een landsdekkend rasterbestand met een resolutie van 25 meter waarin 39 vormen van landgebruik zijn onderscheiden. In het bestand worden de belangrijkste landbouwgewassen, een aantal natuurklassen en stedelijke klassen onderscheiden. Het LGN5_6 bestand heeft als basis het LGN5 rasterbestand waarbij op de locatie van landgebruiksveranderingen (tussen LGN5 en LGN6) LGN5 is vervangen met het landgebruik van LGN6. Het bestand heeft tot doel landgebruiks statistieken tussen LGN5 en LGN6 beter te kunnen vergelijken.

  • Op basis van de geluidsbelastingkaart van provinciale wegen peiljaar 2008 is bepaald op welke geluidsgevoelige bestemmingen de gevelbelasting 63 dB of meer is. Hierbij wordt uitgegaan van het type asfalt dat daadwerkelijk op 31-12-2008 aanwezig was. Het bestand bestaat uit een selectie van Bridgis voor de gebouwen met deze gevelbelasting, waarbij tevens geselecteerd op de functies wonen, wonen/werken en zorg en educatie. Dit zijn de geluidsgevoelige bestemmingen volgens de Wet geluidhinder. Gemakshalve wordt dit ook “woningen” genoemd.