From 1 - 10 / 32
  • Dit bestand bevat de resultaten van de inventarisatie van de jongere bouwkunst in de provincie Fryslân. De gegevens zijn verzameld tijdens het Monumenten Inventarisatieproject (MIP), uitgevoerd tussen 1987 en 1994. De geïnventariseerde objecten en complexen zijn een historische getuigenis en bouwkundige vertaling van de ontwikkelingen die in de periode 1850-1940 op maatschappelijk, cultureel, technisch en economisch gebied hebben plaatsgevonden. In totaal gaat het om bijna 7000 objecten. Het betreft o.a. woonhuizen en wooncomplexen, boerderijen, bedrijfspanden van handel en industrie, openbare gebouwen, religieuze gebouwen, molens, scholen, sport en recreatievoorzieningen, weg en waterbouwobjecten, begraafplaatsen en vestingwerken

  • "Eenvoudige typering van het waterregime voor het overige landbouwgebied" gebruikt in de IHS-versie3 (Integraal Hydrologisch Streefbeeld). Nat: Wateroverlast in het voorjaar, geen droogte in de zomer: Gronden met GT I,II,II*,III in de huidige situatie Middel: (Beperkt) wateroverlast in het voorjaar en (beperkt) verdroging in de zomer: Gronden met GT III*,IV,V,V* in de huidige situatie Middel met kans op natschade bij herstel van het watersysteem: Gronden met GT III*,IV,V,V* in de huidige situatie en kans op natschade bij herstel van het watersysteem Droog: Geen wateroverlast in het voorjaar, droogte in de zomer: Gronden met GT VI.VII,VII* in de huidige situatie Droog met kans op natschade bij herstel van het watersysteem: Gronden met GT VI.VII,VII* in de huidige situatie en kans op natschade bij herstel van het watersysteem

  • Uurhokken met uurhok_id. Uurhokindeling wordt bij muskusrattenbestrijdingen gebruikt. Per uurhok worden telgegevens verzameld. Ook bij andere telgegevens van flora en fauna wordt deze vaak gebruikt.

  • Dit kaartbeeld laat een globaal beeld zien van de geschatte gemiddelde (fosfaat)belasting in het oppervlaktewater (situatie periode 2030 - 2040) bij voortzetting van het mestbeleid (op basis van MINAS verliesnormen; situatie eind jaren negentig) en de huidige hydrologische situatie. Norm oppervlaktewater: 0,15 mg P/l; dit is het Maximaal Toelaatbare Risico: MTR

  • In het door Provinciale Staten van Drenthe op 7 juli 2004 vastgestelde Provinciaal Omgevingsplan Drenthe II staan op kaart 2 van het voorontwerp de bestaande aansluitingen van stroomwegen cq. te ontwikkelen en/of te verbeteren aansluitingen en bestaande knooppunten van personenvervoer cq. te ontwikkelen en/of te verbeteren knooppunten.

  • Gewenste natuurdoeltypen van bestaande en nieuwe natuurgebieden overeenkomstig de gebiedsvisies van de Provincie Drenthe, te weten: Noordenveld, Smilde, Drentse Aa, Hunze / Veenkolonien, Vledder- en Wapserveense Aa, Oude Vaart, Middenveld / Oude Diep, Geeser-, Wester- en Sleenerstroom, Reest / Hollandscheveld en de Zuidoostdrentse veengebieden, situatie 2002.De natuurdoeltypen zijn gecorrigeerd per juli 2002 (Van enkele gebiedsvisies zijn de natuurdoeltypen op een grover schaalniveau dan 1:10.000 geklassificeerd.)De natuurdoeltypen zijn een streefbeeld voor de realiseringstermijn (tot 2018) van de Ecologische Hoofdstructuur van de provincie Drenthe.

  • De selectie van gebieden in de provincie Drenthe voor de toepasbaarheid van horizontaal gesloten systemen is op basis van een puntenwaardering uitgevoerd. Het maximaal aantal punten dat kan worden behaald is 9.Bij een horizontale bodemwarmtewisselaar wordt een stelsel van buizen horizontaal op circa 1 tot 2 meter onder maaiveld aangebracht. N.B.: Rapport ligt bij contactpersoon. Rapportgegevens zijn: Documenttitel: Mogelijkheden voor ondergrondse energieopslag in de provincie Drenthe, 14 oktober 2002Projectnummer: 9M2460 (Royal Haskoning)Opdrachtgever: Provincie DrentheReferentie: 9M2460/R00003/MVVU/Gron.

  • Locaties met peilbuizen voor meting grondwaterstand op verschillende dieptes. Af en toe toevoeging of verwijdering enkele meetpunten

  • Interferentiegebieden zijn gebieden waarin ordening van bodemenergiesysteem wenselijk is, waarin een gericht en sturend beleid t.a.v. bodemenergie gevoerd kan worden. Mogelijke interferentiegebieden. N.B.: Rapport ligt bij contactpersoon. Rapportgegevens zijn: Documenttitel: Mogelijkheden voor ondergrondse energieopslag in de provincie Drenthe, 14 oktober 2002 Projectnummer: 9M2460 (Royal Haskoning). Opdrachtgever: Provincie Drenthe Referentie: 9M2460/R00003/MVVU/Gron.

  • Zoneringen. Voorontwerp functiekaart, Provinciaal Omgevingsplan Drenthe. POPII, kaart 1 en kaart 4. (bebouwd gebied).