Zoeken
 
From 1 - 10 / 22
  • Actuele vergunningsplichtige grondwateronttrekkingen. De grootte en kleur van het symbool representeren de onttrekkingshoeveelheid in 1993. De attribuuttabellen bij de thema's bevatten o.a. nog gegevens over: het type onttrekking, de naam van de exploitant en de vergunningshoeveelheid.

  • Gebieden die in het verleden zijn overstroomd door oorlogshandelingen in 1940-1945.

  • Gebieden waar oppervlaktewater tijdelijk geborgen kan worden.

  • Acidofiele indicatiewaarde. De Acidofiele indicatiewaarde is een maat voor de locale zuurbelasting en is gebaseerd op het voorkomen van zuurminnende epifytische korstmossen. Hoge waarden geven aan waar de invloed van ammoniak minimaal is. De gegevens zijn opgenomen in 2000.

  • Een Fysisch-Geografische Eenheid wordt gekenmerkt door een specifieke combinatie van geologie/ geomorfologie: bodem; grond- en oppervlaktewater. Voor de gemeente Vijfheerenlanden, die sinds 1 januari 2019 deel uitmaakt van de provincie Utrecht, is nog geen data beschikbaar.

  • De indicatieve kaart van Archeologische Waarden geeft een indicatie van de ligging van gebieden met een hoge, een middelhoge of een lage verwachtingswaarde. Deze waarden geven aan of de kwantiteit van de te verwachten archeologische resten hoog, gemiddeld of laag is. Gebieden met een lage verwachting hoeven niet leeg te zijn. De gebruikte analysemethode en de stand van kennis van locatiekenmerken maakt dat de aanwezigheid van bepaalde verschijnselen zoals heiligdommen, resten van agrarische systemen en depotvondsten moeilijk of niet voorspelbaar is.

  • Overstroomd gebied ten behoeve van de verdediging van Nederland in oorlogstijd.

  • Een Fysisch-Geografische Eenheid wordt gekenmerkt door een specifieke combinatie van geologie/ geomorfologie: bodem; grond- en oppervlaktewater. Voor de gemeente Vijfheerenlanden, die sinds 1 januari 2019 deel uitmaakt van de provincie Utrecht, is nog geen data beschikbaar.

  • Overstroomde gebieden bij overlaten, bij de westelijke overlaten Bokhovensche en de Baardwijkse overlaten en bij de overlaten voor het gebied van de Beersche Maas.

  • Het bestand geeft informatie over de bodem-fysische gelaagdheid in het bodemprofiel tot ca. 1.20 meter diepte. Er worden 23 verschillende eenheden onderscheiden. Elke eenheid representeert een bodemprofiel met een specifieke gelaagdheid. Aan de afzonderlijke bodemlagen in het bodemprofiel kunnen bodemfysische kenmerken uit de Staringreeks worden gekoppeld. De ligging van deze eenheden is afgeleid van de Bodemkaart van Nederland, schaal 1 : 50 000. Hiervoor zijn de eenheden van de bodemkaart geclusterd naar de 23 verschillende bodem-fysische eenheden. De indeling is in 1985 aanvankelijk ontwikkeld op basis van de eenheden van de Bodemkaart van Nederland, schaal 1 : 250 000 voor de z.g.n. PAWN-studies (Policy Analysis for the Watermanagement of the Netherlands)