Zoeken
 
From 1 - 10 / 61
  • Bestaande NS wandeltochten, inclusief vervallen NS-wandelingen sinds 2008 (deze worden OV-stappers genoemd). Rond 1 april van elk jaar worden vier nieuwe wandelingen toegevoegd. NS-wandelingen volgen grotendeels delen van het bestaande LAW-netwerk (inclusief Nationale Streekpaden).

  • Dit bestand bevat watergangen (maren en sloten) van de provincie. In het weidse wierdenlandschap kronkelen de maren om de dorpen om ze via het water te ontsluiten. De maren vormen de basis voor de kenmerkende onregelmatige blokverkaveling, zoals die nog herkenbaar is in Middag Humsterland, het Reitdiep, nabij Middelstum en in het gebied te noorden van Appingedam en Delfzijl. In dit oude kwelderlandschap staat het behoud van de kleinschaligheid voorop dat zich kenmerkt door onregelmatig gevormde percelen die worden gescheiden door kromme sloten. Deze sloten benadrukken de verkaveling. Andere sloten hangen vanuit hun natuurlijke oorsprong samen met andere sloten en/of waterlopen. Van deze voormalige sloten is alleen het reliëf nog aanwezig in de vorm van laagten in het landschap. Aan de waddenkust zijn in de loop der eeuwen opeenvolgende reeksen grootschalig open polders gescheiden door parallelle dijken ontstaan. De opstrekkende verkaveling loodrecht op de dijken geeft een duidelijk beeld van de ontginningsgeschiedenis. Dit komt tot uitdrukking in het slotenpatroon langs de kust en in de Fivelboezem. De waardevolle opstrekkende verkaveling bestaat uit een regelmatig patroon van (zeer) langgerekte kavels gescheiden door sloten en landbouwontsluitingswegen die het historisch recht van opstrek zichtbaar maken.

  • Dit bestand betreft de buitengrenzen van de zuivelfabrieksterreinen in Fryslân. Het maakt deel uit van het project 08003 Zuivelfabrieken CHK Fryslân.

  • De Nulmeting op Kaart 2007 (NOK2007) geeft een landelijk beeld van de realisatie van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en Recreatie om de Stad (RodS) op 1 januari 2007. Het betreft realisatie van de begrenzing, verwerving en inrichting. Het is het gezamenlijke vertrekpunt van LNV en de provincies van de stand van het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG) bij de start op 1 januari 2007. De NOK2007-kaart bestaat uit drie onderdelen: voortgang van de EHS, voortgang van RodS en eigendommen van BBL buiten de begrenzingen van EHS en RodS. De percelen van BBL buiten de begrenzing EHS/RodS zijn ook op kaart gezet omdat deze worden gebruikt (bijvoorbeeld via ruil) om EHS en RodS binnen de begrenzing te realiseren. Voor meer informatie: zie het rapport 'Eindrapportage Nulmeting op Kaart (NOK) - november 2009' op http://edepot.wur.nl/352983

  • Dit betreft de gebieden die op 950 meter hemelsbreed van sirenes zijn gelegen zonder overlap. Het feitelijke dekkinggebied is afhankelijk van bebouwing, hoogteverschillen, windrichting en windsnelheid.

  • De provincie Utrecht legt een norm vast voor het beschermingsniveau van regionale waterkeringen. Deze keringen zijn in beheer bij het waterschap (Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden). Dit is gedaan in het besluit van provinciale staten van Utrecht van 26 oktober 2009 van Zuid-Holland van 14 oktober 2009 tot algehele herziening van de regelgeving voor het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden met betrekking tot het waterbeheer. Revisie 2018 is vastgelegd in het besluit van provinciale staten van Utrecht van 10 december 2018, wijzigingen treden in werking per 1-1-2019.

  • Projecten uit het Netwerkprogramma Brabantstad Bereikbaar - Punt

  • Met de Wet ammoniak en veehouderij beperkt het Rijk de ammoniakuitstoot en daarmee de verzuring in de omgeving van natuurgebieden. De provincie Groningen heeft op basis van deze wet de voor ammoniak gevoelige gebieden aangewezen (zie Omgevingsverordening 2016). In deze zeer kwetsbare gebieden en in een bufferzone van 250 meter daar omheen mogen zich geen nieuwe veehouderijen vestigen en zijn de uitbreidingsmogelijkheden voor bestaande veehouderijbedrijven beperkt. Deze dataset is opgenomen in de Provinciale Omgevingsvisie 2016-2020 en de Omgevingsverordening 2016.

  • Geschiktheid voor WKO-toepassing. Het betreft geschiktheid voor het diepe watervoerende pakket.

  • Ommetjes; lokale en regionale wandelroutes, zoals kuierroutes, knapzakroutes en klompenpaden. Tevens opgenomen welke delen boerenlandpad zijn en onder wiens beheer.