Zoeken
 

publicationDateYear

2004

4 record(s)

 

License

Type of resources

protocol

Years

revisionDateYears

publicationDateYears

From 1 - 4 / 4
  • Het bestand Historisch Grondgebruik Nederland is een rasterbestand met een resolutie van 50 meter.(Per 50 * 50 meter gridcel is een grondgebruikklasse bepaald) Het bestand is afgeleid uit de topografische Bonnekaarten rond de periode 1900. Er worden tenminste 10 typen landgebruik onderscheiden. Het bestand is vervaardigd door gescande Bonnekaarten te classificeren. Tevens is onderliggende abiotische informatie beschikbaar.

  • De maritieme grens met het Verenigd Koninkrijk (VK) is oorspronkelijk vastgelegd in de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland inzake de begrenzing van het tussen deze landen gelegen continentale plat onder de Noordzee uit 1965 en gewijzigd in 1971 en 2004.

  • In de huidige versie van de Friese Archeologische Monumentenkaart Extra (FAMKE) zijn AMK-terreinen die een dorpskern betreffen, en waarvan de begrenzingen nog onzeker zijn, opgenomen als symbolen. De begrenzingen van de terreinen zullen in de komende tijd in de FAMKE worden opgenomen. Het is raadzaam om als een geplande ingreep of nieuw op te stellen bestemmingsplan dit symbool omvat of zich in de nabijheid ervan bevindt, de precieze begrenzing van een dergelijk terrein op te vragen bij de provinciaal archeoloog. De provincie adviseert overigens in geval van deze dorpskernen overeenkomstig de ‘gewone’ AMK-terreinen.

  • De doorgaande NAP -20 meter dieptelijn is een vereenvoudiging van de fysieke NAP -20 meter dieptelijn. De fysieke of werkelijke NAP -20 meter dieptelijn is erg grillig en kan onder invloed van zandtransport door stromingen en golven veranderen. Daarom is gekozen voor de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn. Die is vastgelegd in coordinaten en verandert niet. De doorgaande NAP -20 meterlijn is voor Zeeland al in 1993 doorgevoerd in het 'Beleidsplan Voordelta', dat ook ondertekend is door LNV, en voor de rest van de kust in het 'Regionaal Ontgrondingenplan Noordzee' in 2004 en in de 'Nota Ruimte' in 2005/6. In de Nota Ruimte is daar de term 'zeewaartse begrenzing kustfundament' aan gehangen. De ligging van de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn is in overleg tussen V&W, LNV en VROM tot stand gekomen en in coordinaten vastgelegd in het "geopakhuis' bij RWS Noordzee. De NAP -20 meter is niet willekeurig gekozen. In het Deltagebied en in het Waddengebied gaat op die diepte de onderzeese kusthelling over in de vlakkere zeebodem. Lokaal wordt dit wat gecompliceerd door ebdelta's en zandbanken, maar het is wel een goede keus als grens voor het kustsysteem. Daarnaast is op basis van de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn op 2 km zeewaarts hiervan een lijn gedefinieerd ter begrenzing van de grootschalige zandwinning.