From 1 - 10 / 308
  • Dit polygoonbestand bevat informatie over de geschiktheid van de daken om zonnepanelen te installeren. De kaart toont alle dakvlakken die geschikt en niet geschikt zijn om zonnepanelen te installeren en ook de geschiktheid voor een dak om in aanmerking te komen voor SDE++ subsidie. Bij de geschiktheidsbepaling voor een dak voor zonnepanelen is geen informatie bekend over de dakconstructie. De panden zijn gebaseerd op de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG).

  • Geschikte dakvlakken voor het plaatsen van zonnepanelen. Deze kaartlaag bevat van alle geanalyseerde daken en dakdelen die geschikt zijn voor de plaatsing van zonnepanelen. Deze kaartlaag is ook te zien in de zonnekaart. De zonnekaart is een via internet toegankelijke webapplicatie waarmee gebouweigenaren kosteloos en onafhankelijk van de markt zelf kunnen bekijken wat ze kunnen verdienen aan het plaatsen van zonnepanelen.

  • Vegetaties in de provincie Overijssel. Het bestand geeft een overzicht van de vegetaties in de provincie. De belangrijkste vegetatietypen zijn aangegeven, gebaseerd op detailkaarten (veldkaarten) die beschikbaar zijn bij bronhouders. De gegevens zijn verzameld door de provincie Overijssel, Dienst Landelijk Gebied, Landschap Overijssel, Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten (of door organisaties in opdracht van de provincie). Het bestand is voor allerlei doelen te gebruiken, die samenhangen met ruimtelijke ordening, het milieubeleid dan wel natuurbeleid. Een voorbeeld. Elk vegetatietype heeft een bepaalde gevoeligheid voor bijvoorbeeld verdroging (mate van ontwatering). Bij verandering in waterpeil in een bepaald gebied kan de vegetatiekaart een eerste indruk geven over de nadelige gevolgen van deze ingreep. Peilverlaging in een gebied met elzenbroekbos (natte bossen, hoog waterpeil) zal nadelig zijn, in een gebied met dennenbos kan het effect beperkt blijven. De standaard vegetatiekartering in Overijssel begon in 1984 en is grotendeels in 2006 beeindigd. Daarna zijn aantal gebieden, vooral in stadsranden, gekarteerd, die bij andere karteringen niet waren meegenomen. Het kan soms voorkomen dat een gebied opnieuw gekarteerd wordt. In het bestand staan de meest recente gegevens, de oudere gegevens bevinden zich in het bestand veg_oud.

  • Archeologische monumenten. Vanaf de vroegste prehistorie tot de tegenwoordige tijd hebben de bewoners hun sporen in de bodem van Overijssel achtergelaten. Dit bodemarchief is een belangrijke en voor de prehistorie de enige informatiebron. Op grond van restanten van vroeger, zoals aardewerkscherven, (vuur-)stenen bijlen of verkleuringen in de bodem van bijvoorbeeld palen van boerderijen, is het mogelijk iets te vertellen over de mensen en hun levenswijze in het verleden. Dit bodemarchief is erg kwetsbaar: de overblijfselen bevinden zich meestal dicht onder het oppervlak. Bovendien is het bodemarchief maar eenmalig raadpleegbaar: wanneer iets is opgegraven, is het voorgoed verdwenen. Deze kaart toont de Archeologische Monumenten (AMK) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) Wet Archeologische Monumentenzorg. Op 1 september 2007 is de Wet archeologische monumentenzorg in werking getreden. Dit impliceert een ingrijpende wijziging van de Monumentenwet 1988. Voor archeologische waarden geldt per 1 september 2007 op basis van de gewijzigde Monumentenwet 1988 de wettelijke verplichting om bij vaststelling van een bestemmingsplan rekening te houden met de in de grond aanwezige, dan wel te verwachten monumenten (artikel 38a).

  • Bestand met verleende subsidies in Overijssel in 2017. Subsidieverlening registreerd in edo alle subsidies. Door een koppeling te leggen tussen de gegevens uit edo en de basisregistraties kunnen de verleende subsidies visueel in beeld worden gebracht.

  • Dit raster over de bevat informatie over de pleistocene afzettingen in Overijssel. Het omvat de archeologische regio’s Drents Zandgebied en Overijssels-Gelders Zandgebied. Zoals de namen van de archeologische regio’s al aangeven gaat het hoofdzakelijk om zandige afzettingen. Daarnaast komen plaatselijk ook rivierafzettingen voor (voornamelijk langs de IJssel). De pleistocene afzettingen zijn in de periode tussen 2500000 en 10000 jaar geleden door water, wind en ijs afgezet. Omdat het overgrote deel van de bewoningsgeschiedenis van Hoog Nederland jonger is dan 13000 jaar, liggen de meeste archeologische resten aan of vlak onder het oppervlak. In combinatie met de IKAW kan dit bestand worden gebruikt bij een inventariserende bureaustudie ten behoeve van het behoud van archeologische en in sommige gevallen historische, geografische en aardkundige waarden, en bij advies over archeologisch (veld)onderzoek.

  • Een lijnenbestand van de afmeervoorzieningen langs de provinciale vaarwegen in Overijssel. Een afmeervoorziening is ingericht om schepen (beroeps- of recreatievaart) te doen afmeren. Het betreffen geen voorzieningen voor langdurig verblijf.

  • De gemiddelde stand van het grondwater, verdeeld naar verschillende klassen. Dit wordt ook wel de Grondwatertrap (Gt) genoemd. De grondwaterstand wordt in het veld gemeten. De positie van deze metingen heeft een nauwkeurigheid van 25 meter. De Gt is berekend door gebruik te maken van het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN). De berekeningen zijn uitgevoerd op basis van een grid van 25 bij 25 meter. De dataset bevat 70 procent van het totale landoppervlak van Nederland. Opgenomen zijn alle gegevens van de provincie Noord-Brabant en van de waterschappen Peel en Maasvallei, Reest en Wieden, Rijn en IJssel, Regge en Dinkel en Velt en Vecht. De dataset bevat verder nog de gegevens van alle overige landbouwpercelen van de zandgebieden en lössgebieden in de rest van Nederland. De betrouwbaarheid van de Gt kan worden bepaald op basis van de betrouwbaarheid van de Gemiddelde Hoogste Grondwaterstand (GHG) en de Gemiddelde Laagste Grondwaterstand (GLG). De gegevens zijn geldig voor de periode vanaf 21 april 2005 tot en met 21 april 2010.

  • Geluidszones rondom bedrijventerreinen in de provincie Overijssel. Gegevens worden gebruikt bij de levering aan Europese richtlijn INSPIRE. De geluidscontouren geven de geluidsbelastingen in decibel (dB) (A) rond gezoneerde industrieterreinen weer. De contouren met de aanduidingen 50-zo, 55-zo, 60-zo en 65-zo betreffen de geluidsbelastingen die bij de zonering zijn vastgesteld. Bij een aantal van de gezoneerde industrieterreinen was sprake van een saneringssituatie. De geluidsbelasting na sanering is aangegeven met de contouren welke zijn aangeduid met 50-sa en 55-sa. Vrijwel geen van de gemeenten heeft de geluidszones na sanering in de bestemmingsplannen verwerkt. Als aandachtsgebied voor de primaire beoordeling van de ontwikkelingen in de omgeving van die terreinen geldt daarom de 50dB(A)-contour, die is vastgesteld bij de zonering (50-zo).

  • Met gemeenten in Overijssel zijn woonafspraken gemaakt over het aantal te bouwen woningen in de periode 2022-2032. Gemeenten brengen daarom elk jaar de harde plancapaciteit aan woningbouwplannen in beeld via een online webapplicatie (Planmonitor Wonen). Dit bestand (in vlakken) geeft de harde plancapaciteit per 1-1-2022 voor de periode 2022-2032 met een globale aanduiding van de ligging (veelal met een cirkel waar het plan ligt). Met harde plannen worden woningbouwplannen bedoeld die 'onherroepelijk', 'onherroepelijk, uitwerkingsplicht', 'vastgesteld' of ‘vastgesteld, uitwerkingsplicht’ zijn. Zachte plannen, zoals met een wijzigingsbevoegdheid, zijn niet opgenomen in het bestand. Per plan wordt aangegeven wat de totale capaciteit is, de gerealiseerde capaciteit en de resterende capaciteit. Elk plan heeft een start- en eindjaar. Echter, door een technisch probleem ligt het startjaar bij de veel plannen maximaal 2 jaar in het verleden. Het veld startjaar moet daarom niet gebruikt worden voor het maken van analyses.