Zoeken
 
From 1 - 10 / 213
  • Het bestand CBSpostcode4 bevat statistische gegevens naar numeriek deel van een postcode (1234). Met ingang van november 2017 is gestart met jaarlijkse publicatie van kerncijfers over demografie, woningen, energie, sociale zekerheid, inkomen, nabijheid van voorzieningen en dichtheid. Lees voor meer informatie: https://www.cbs.nl/-/media/_pdf/2017/48/statistische%20gegevens%20per%20vierkant%20en%20postcode%20november%202017.pdf

  • Zoet oppervlaktewater wordt gebruikt voor een aantal doeleinden, waaronder voor het doorspoelen van het regionale watersysteem. Doorspoeling. In met name het westen van Nederland is zoet water ook nodig om te voorkomen dat het water in het regionale systeem te zout wordt. Het zoute water wordt in deze gebieden uit de ondergrond aangevoerd (zoute kwel). Door het steeds te vermengen met voldoende zoet water (door sloten door te spoelen) wordt het opppervlaktewater niet te zout om het ook voor beregening te kunnen gebruiken. Overigens wordt ook water in het hoofdwatersysteem gebruikt om te voorkomen dat de zouttong vanuit zee te ver landinwaarts op rukt en daarmee de inlaatpunten van zoet water bedreigt. Dit wodt bewerkstelligd door een minimaal debiet in het hoofdwatersysteem. Voor deze watervraag is binnen ‘Deltaprogramma zoet water’ bepaald wat de totale hoeveelheid water is die aangevoerd kan worden en wat het uiteindelijke tekort aan zoet water voor dit doeleinde is. De resultaten kunnen gepresenteerd worden voor 5 deelgebieden waarin Nederland is verdeeld in de sommen die DP Zoetwater heeft laten uitvoeren. De Waddeneilanden maken geen onderdeel uit van de analyses. (getallen in m3/zomerhalfjaar).

  • De beschikbaarheid van zoet grond- en oppervlaktewater is van belang voor landbouw, industrie, drinkwater en natuur. Verzilting van het grond- en oppervlaktewater vindt plaats in het kustgebied van Nederland door indringing van zeewater via de grote rivieren en zoute kwel (het omhoog stromen van zout grondwater naar het oppervlak). Het ligt in de verwachting dat door de voorspelde klimaatverandering en toekomstige stijging van de zeespiegel, de zoute kwel en de zoutindringing vanuit de zee zal toenemen en de beschikbaarheid van zoet grond- en oppervlaktewater zal afnemen. Deze factsheet behandelt de beschikbaarheid van zoet grondwater. Grondwater De huidige beschikbaarheid van zoet grondwater in het Nederlandse kustgebied is beperkt door het ondiep voorkomen van zout grondwater. Dit zoute grondwater is ‘oud’ zeewater dat tijdens de Holocene overstromingen van de zee de ondergrond is ingetrokken. Sinds het aanleggen van polders door de mens stroomt dit zoute grondwater weer richting het oppervlak (zoute kwel). Door genoemde processen is de ruimtelijke variatie van het voorkomen van zoet grondwater groot. In de zuidwestelijke delta, en de noordelijke kustgebieden zit het zoute grondwater zeer ondiep (< 5 m-mv) terwijl in west-Nederland het zoute grondwater tussen 25 en 50 m-mv wordt aangetroffen. Onder de duinen worden dikke zoetwaterbellen aangetroffen (tot 100 m) die voor drinkwater worden gebruikt. Onder hoger gelegen zandige kreekruggen komen zoetwaterbellen van 5 tot 25 m dikte waaruit door de landbouw voor beregening wordt onttrokken. De kaart met het grensvlak van 1000 mg/l chloride geeft op landelijks schaal aan tot op welke diepte zoet grondwater wordt aangetroffen en geeft dus een goede indicatie waar zoet grondwater beschikbaar is. De kaart is gebaseerd op een groot aantal metingen maar de ruimtelijke variatie is zo groot dat de kaart niet geschikt is voor gebruik op lokale schaal. Het zoet-brak grondwater grensvlak varieert niet veel in de tijd omdat stromingsprocessen in de ondergrond langzaam gaan. Echter, bij het onttrekken van zoet grondwater in kustgebieden kan bij een te groot onttrekkingsdebiet in korte tijd dieper zout grondwater worden aangetrokken. Dit proces heet zoutwater opkegeling en beperkt de zoetwaterbeschikbaarheid. Onderstaande figuur laat zien dat verzilting van onttrekkingsputten een serieus probleem is. Definities: Chloride is een conservatieve stof die relatief veel bemeten is t.o.v. andere stoffen en is de dominante representant voor het zoutgehalte van water. Definities van zoet, brak en zout water zijn daarom gebaseerd op chloride concentratie. Klasse: Chloride concentratie (mg Cl /l) Zoet: < 1000 Brak: 1000 – 3000 Zout: > 3000

  • Deze kaart geeft een overzicht van kansrijke maatregelen, verspreid over Nederland, om de bergingscapaciteit van de ondergrond te benutten. De bergingscapaciteit voor water in de ondergrond biedt veel mogelijkheden, zowel ten behoeve van zoetwatervoorziening tijdens droge perioden als voor het opvangen van neerslag- en hoogwaterpieken. De ondergrond werkt in beide gevallen regulerend, als een buffer, om het effect van extreme klimatologische omstandigheden op te vangen en te verkleinen. De ecosysteemdienst die de ondergrond biedt is in dit geval het vasthouden van gebiedseigen water in bovenstroomse gebieden. Dit wordt ook wel bergen aan de bron genoemd. Voor perioden van droogte biedt benutting van de bergingscapaciteit mogelijkheden voor de zoetwatervoorziening, doordat het geborgen water langere tijd beschikbaar blijft, zowel voor onttrekkingen (drinkwater, beregeningswater, proceswater), als via grondwaterstroming. Dit laatste leidt tot een constantere voeding van natte (kwelafhankelijke) natuurgebieden. Voor een selectie van zeven waterregulerende maatregelen (afkomstig uit de Fresh Water Options Optimzer; Van Bakel e.a., 2014) zijn de inlvoed van de fysische eigenschappen van de ondergrond in kaart gebracht. Een 8e maatregel is daar later aan toegevoegd (zie verderop in de toelichting) Het gaat om de volgende maatregelen: (1) drains2buffer - aanleg van dieper gelegen, regeblare drains in gebieden met dunne regenwaterlenzen in zoute kwelgebieden met als doel verdikking van de zoetwaterlens. (2) regelbare drainage - vervanging traditionele drainage door regelbare en/of klimaatadaptieve drainage. (3) kreekruginfiltratie – verhoging van de grondwaterstand door actieve infiltratie via drains. (4) freshmaker – injectie van zoet water in zoute watervoerende pakketten middels horizontale putten. In tijden van schaarste wordt het zoete water teruggewonnen. Injectie (op 5 – 10m diepte) wordt gecombineerd met onttrekking van zout water op een iets grotere diepte (15 – 20m) om de zoetwaterbel op zijn plek te houden. (5) verticale ASR – Aquifer Storage and recovery – injectie van zoetwater tijdens perioden van overschot middels een verticale put en onttrekking van datzelfde water via diezelfde put in tijden van schaarste. (6) waterconservering door aanleg van stuwen die zowel het oppervlaktewater als het grondwaterpeil verhogen. (7) waterconservering door slootbodemverhoging (figuur 1) die de drainagebasis verhoogt (8) MAR – Managed Aquifer Recharge – actieve infiltratie bij overschot; terugwinning middels pompen of via natuurlijke wegen benedenstrooms als voeding voor beeksystemen en andere natte natuurgebieden.

  • De thermische energie uit oppervlaktewater van waterlopen en plassen (EOW) kan in combinatie met Warmte en Koude Opslagsystemen (WKO) worden ingezet voor het duurzaam koelen van gebouwen. Hiervoor zal een pompinstallatie met een warmtewisselaar in de nabijheid van de afnemer worden geplaatst waarmee in de winter met een klein temperatuursverschil (+3 °C) koude uit het water wordt gewonnen. Deze koude (5 - 9 °C) wordt opgeslagen in het grondwater van de WKO waarmee het in de zomer beschikbaar komt en kan worden ingezet voor koeling. De dataset beschrijft het economisch winbaar potentieel van thermische energie uit oppervlaktewater ten opzichte van de huidige koudevraag gecorrigeerd voor de bodemopslagcapaciteit voor WKO uitgedrukt in geschiktheidsklassen (matig geschikt, redelijk geschikt, geschikt, zeer geschikt, uitstekend geschikt) van een locatie binnen een straal van 100 meter van waterlopen en plassen.

  • Deze dataset bevat alle gebieden die zijn aangewezen als rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht. De gegevens zijn conform INSPIRE geharmoniseerd. De kwaliteit van de ligging van de begrenzing van de stads- en dorpsgezichten is wisselend. Zie de informatie over de datakwaliteit.

  • TOP10NL is een digitaal objectgericht kaartbestand wat ten grondslag ligt aan de topografische kaart 1:10000 en wat veelvuldig in diverse GIS- en CAD-systemen wordt gebruikt voor ondergrond, analyse-, en beheers- en planningsactiviteiten.

  • Het Bestand Wijk- en Buurtkaart 2011 bevat de geometrie van alle gemeenten, wijken en buurten in Nederland met als attribuut een aantal statistische kerncijfers. De begrenzingen van wijken en buurten zijn voor een groot deel gebaseerd op wat de gemeenten aan het CBS doorgeven. De gemeentegrens is afkomstig uit de BRK van het Kadaster. Deze tweede versie bevat een deel van de kerncijfers. Begin 2014 wordt een derde versie gepubliceerd. Lees voor meer informatie het volgende pdf document: http://www.cbs.nl/NR/rdonlyres/0514C636-FE23-45E6-BC14-07AD83AA3B1D/0/20132011b68pub.pdf

  • Categories  

    In deze dataset zijn de gegevens samengevoegd van de dataset van de gebieden die zijn aangewezen als rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht en de dataset van het Nederlandse cultureel erfgoed dat is geplaatst op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De gegevens in de dataset zijn conform INSPIRE geharmoniseerd. Zie voor volledige beschrijving de individuele metadata van de datasets: Stads- en Dorpsgezichten: http://www.nationaalgeoregister.nl/geonetwork/srv/dut/catalog.search#/metadata/c5928e1a-5512-4521-ae6a-dea61ff454be Werelderfgoed: http://www.nationaalgeoregister.nl/geonetwork/srv/dut/catalog.search#/metadata/45eaae76-874a-4fe1-88f4-820517e3de73

  • Zoet oppervlaktewater wordt door de landbouw gebruikt voor beregening van landbouwgewassen. Hiervoor is binnen Deltaprogramma zoet water bepaald wat de totale hoeveelheid water is die aangevoerd kan worden en wat het uiteindelijke tekort aan zoet water voor dit doeleinde is. De resultaten kunnen gepresenteerd worden voor 5 deelgebieden waaruit Nederland is opgebouwd in de sommen die Deltaprogramma zoet water heeft laten uitvoeren. De Waddeneilanden maken geen onderdeel uit van de analyses. (getallen in m3/zomerhalfjaar). De kaart geeft het watertekort voor beregening in een droog jaar weer, zoals berekend door Deltaprogramma Zoet Water met behulp van NHI (Nederland Hydrologisch Instrumentarium)