From 1 - 10 / 365
  • genexpressie in stamcellen na blootstelling aan verschillende concentraties ftalaten

  • Bij hoge temperatuur opslag (HTO) word een doorlatend pakket gebruikt om (een overschot aan) warm water op te slaan, zodat het onttrokken kan worden op het moment dat dit nodig is. Meestal wordt gebruik gemaakt van twee verschillende temperaturen: 90°C voor de middelste put met daaromheen een “bufferzone” met putten waar water van 40°C geïnjecteerd wordt. Voor de potentieberekening is gerekend met een gemiddelde temperatuur van de twee: 65°C. De gemiddelde temperatuur van de Formatie van Brussel is 16°C. Het geïnjecteerde water heeft een hogere temperatuur en dus ook een lagere viscositeit: 0,00043 Pa*s (t.o.v. 0,00111 Pa*s voor water van 16°C). Dat betekent dat het mogelijk zal zijn het water met een hoger debiet te onttrekken dan in het geval van OGT. De omrekenfactor is voor de Formatie van Brussel 2,58. Het te onttrekken debiet zal bij HTO dus meer dan twee keer zo hoog zijn als bij OGT.

  • Op deze kaart staan de risicogebieden voor natuurbranden t.b.v. het Groen Ontwikkelfonds Brabant (GOB). In het Investeringsreglement van het GOB staat vanaf 1 janari 2019 een bepaling, dat initiatiefnemers bij de inrichting van natuur in bepaalde gebieden, rekening moeten houden met natuurbranden. Ten opzichte van de oorsrponkelijke gridcellen van de Risico Inventarisatie Natuurbranden (RIN) gebieden van Nexpri en de risicogebieden natuurbranden zoals die in de Tercera Plantoets viewer gebruikt worden, is een aantal gebieden uitgebreid. Om de begrenzing aan te laten sluiten bij de subsidiekaart van het GOB, zijn ter plaatse van grote gebieden van te ontwikkelen natuur extra gridcellen toegevoegd.

  • Genexpressie in muizen bij RSV infectie na voorgaande infectie of verschillende soorten vaccinatie

  • Transcriptomics op lever en placenta van Ts1Cje en WT muizen voor identificatie van biomarkers voor Down syndroom

  • Open Koude Warmte Opslag (KWO) bodemenergiesystemen in Overijssel. De provincie Overijssel is bevoegd gezag voor vergunningen en meldingen van deze systemen. Op de kaart staan de actieve bodemenergiesystemen. De gegevens komen uit het Landelijk Grondwaterregister (LGR), het voormalige Grondwaterarchief. Opgenomen zijn alleen de locaties, niet de afzonderlijke putten per installatie. Deze kaart bevat alleen de in bedrijf zijnde installaties. Naast de open KWO-systemen zijn er gesloten KWO-systemen. Daarvoor is de gemeente of de omgevingsdienst het bevoegd gezag. De gesloten systemen staan niet op deze kaart.

  • Genexpressie in testes van twee muismodellen na blootstelling aan benzo(a)pyreen; normale WT en DNA repair deficiente Xpc-/- muizen.

  • Ligging van de breuken op het niveau van de formatie van Breda. De Formatie van Breda of Breda Formatie (sic, afkorting: BR) is een geologische formatie in de ondergrond van Nederland. De formatie bestaat uit glauconiethoudende mariene zanden en kleien, die werden gevormd tijdens het Mioceen (een tijdperk van 23 tot 5 miljoen jaar geleden).

  • Bij geothermie wordt warmte uit diepe aardlagen (>1500 m) gebruikt om huizen, kantoren of kassen te verwarmen. Het afgekoelde water wordt vervolgens weer terug in de bodem gebracht. Voor geothermie kan in Overijssel gebruik worden gemaakt van de Slochteren Formatie en de Onder Detfurth Zandsteen Member. Op deze kaart is de ingeschatte temperatuur van het te produceren water uit de Onder Detfurth Zandsteen weergegeven. De temperatuur is uitgerekend op basis van een geothermische gradiënt van T = 0,000002*z2 + 0,0291*z +10, en hangt af van de diepte (z) van de formatie.

  • De dataset bestaat uit de inventarisatie plots van het Provinciaal weidevogelmeetnet in Overijssel. De plots bestaan uit gebiedsbegrenzingen waar sinds 1994 tweejaarlijks in het voorjaar wordt gekeken naar het voorkomen van Weidevogels. Het meetnet bestaat uit 41 plots. In 2015 zijn 8 locaties in concentratiegebieden met weidevogelbeheer toegevoegd en 15 locaties vervallen. Dit om het meetnet beter te doen aansluiten op het agrarisch natuurbeheer (ANLb 2016). De gegevens van het meetnet worden geleverd aan het Nationaal Weidevogelmeetnet, als onderdeel van het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM). De inventarisatie gegevens van de gevonden soorten zijn opgenomen in de dataset “Inventarisatiegegevens weidevogels”