From 1 - 10 / 430
  • De dataset bevat de gegevens die horen bij de PAS leefgebied kaart van type LG07 Dotterbloemgrasland van veen en klei. PAS leefgebieden zijn de stikstof gevoelige leefgebieden van soorten. Er zijn 14 leefgebied typen (LG01 – LG14) welke zijn beschreven in de PAS herstelstrategieën. Het gaat hier niet om het leefgebied van één bepaalde soort, maar om op natuurdoeltypen gebaseerde eenheden die als stikstofgevoelig leefgebied fungeren voor een aantal soorten. Welke soorten dit zijn en wat de ecologische relatie is met het PAS leefgebied, is vastgelegd in de herstelstrategieën. Voor het bepalen van de ligging van de PAS leefgebieden op de kaart is een combinatie van vegetatietypen en terreinkenmerken gebruikt, overeenkomstig met de definitie die wordt gegeven in de herstelstrategie. Alleen als een soort is aangewezen in een Natura 2000 gebied en er stikstofgevoelig leefgebied aanwezig is wat aan de criteria voldoet, is dit als PAS Leefgebied type op de kaart gezet. Dit kan zowel actueel bezet als potentieel bezet leefgebied van soorten zijn. Deze aanpak voldoet aan de landelijk afgesproken methodiek (BIJ12). De begrenzing die is gebruikt is gebaseerd op de Natura habitattypenkaarten, zoals vastgelegd in de vigerende gebiedsanalyses van Natura2000 gebieden in de provincie Overijssel. De data is verwerkt in het PAS rekenmodel Aerius versie 16L (ook wel M16L genoemd). Naast deze vastgestelde versie houden we ook een werkbestand bij waarin we bij feitelijke onjuistheden nog correcties op kunnen doorvoeren voor de nieuwe versie van AERIUS (M18).

  • De kaart geeft de gemiddelde hoeveelheid verticale kwel van grondwater op 1 oktober op een diepte van enkele meters onder het maaiveld in millimeters per dag. De kwel is berekend met het regionale grondwatermodel MIPWA3, als de verticale flux tussen de onderkant van modellaag 1 en de bovenkant van modellaag 2. De modelberekening is uitgevoerd op een resolutie van 100 bij 100 meter. Dit grid is neergeschaald naar een resolutie van 25 bij 25 meter door lineaire interpolatie van de de berekende waarden van de omliggende modelgridcellen. De rekenperiode was 2007 tot en met 2014 (de standaard rekenperiode van het model MIPWA3). De kwelflux is berekend als het gemiddelde van de de berekende kwelfluxen op 1 oktober over de rekenperiode.

  • Een lijnenbestand van de afmeerplaatsen langs de provinciale vaarwegen in Overijssel. Een afmeerplaats is ingericht om schepen (beroeps- of recreatievaart) te doen afmeren. Het betreffen geen ligplaatsen voor langdurig verblijf.

  • Het betreft een puntenbestand ten behoeve van het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Doelen zijn minder stikstof, sterkere natuur en economische ontwikkeling van het gebied. Grondwaterstand meetbuizen die zijn geplaatst rondom "PAS-gebieden", veelal natura 2000 gebieden. In de "PAS-gebieden" worden de komende jaren maatregelen uitgevoerd (veelal vernatting) om de stikstof uitstoot te verminderen. Dit meetnet dient om mogelijke gevolgen van die maatregelen op de grondwaterstand te monitoren.

  • Landgoederen binnen de provincie Overijssel. Een landgoed is een ruimtelijke eenheid van terreinen en elementen. Deze zijn architectonisch, economisch en functioneel met elkaar verbonden. De kern is een (soms verdwenen) hoofdhuis. Deze dataset wordt gebruikt in de kaart Recreatie, als onderdeel van het onderzoek naar natuurlijk kapitaal binnen Overijssel.

  • Op de kaart ziet u het aantal kinderen (2-6 jaar) per km2 dat in oudere woningen woont en daardoor mogelijk aan meer lood staat blootgesteld. Vóór 1945 zijn in woningen vooral loden drinkwaterleidingen aangelegd. Ongeveer vanaf 1960 is hiermee gestopt. De drinkwaterbedrijven hebben de waterleidingen buitenshuis in de periode 1995-2002 merendeels vervangen. Voor leidingen binnenshuis zijn huiseigenaren zelf verantwoordelijk. In oudere panden bestaat daarom de kans dat er nog loden leidingen aanwezig zijn.

  • In dit bestand zijn de gebouwen met bijbehorende geluidbelastingen langs provinciale wegen vastgelegd voor de EU-geluidskartering, 3e tranche. De gebouwen komen uit de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), beheerd door het Kadaster. De geluidbelastingen weerspiegelen de situatie voor het peiljaar 2016, en zijn berekend met de SRM-II methode.

  • Deze kaartlaag vormt het bestand van de Vaarlandtoeslagkaart. Deze kaart is op 10 april mei 2019, document/nummer (1057213/1057232) als onderdeel van het Ontwerp Natuurbeheerplan 2019. Het doel van de Vaarlandtoeslagkaart is een toeslag voor vaarland (land dat uitsluitend over water te bereiken is en waar geen materiaal voor beheer [machines, vee, mest e.d.] wordt opgeslagen). Dit geldt alleen voor natuurbeheer. Voor de provincie Noord-Holland geldt dat alleen de volgende pakketten voor vergoeding in aanmerking kunnen komen: N05, N06, N10, N12 en N13. De overige (natuur)beheertypen staan, ook als het land is dat uitsluitend varend te bereiken is, niet op de vaarlandtoeslagkaart en komen niet in aanmerking voor een toeslag.

  • De kaart van type leefgebied (LG) 08: nat en matig voedselrijk grasland. Deze gegevens horen bij het Programma Aanpak Stikstof (PAS). De ligging van de PAS-leefgebieden komt voort uit een combinatie van vegetatietypen en terreinkenmerken. De begrenzing is gebaseerd op de habitatkaarten, zoals vastgelegd in de gebiedsanalyses van Natura 2000-gebieden in de provincie Overijssel. Alleen een soort dat is aangewezen in een Natura 2000-gebied én er een stikstofgevoelig leefgebied aanwezig is, dan wordt een gebied pas als een PAS-leefgebied type op de kaart gezet. Welke soorten dit zijn en wat hun ecologische relatie is met het PAS-leefgebied is vastgelegd in de herstelstrategieën. De data is verwerkt in het PAS rekenmodel Aerius versie 16L (ook wel M16L genoemd).

  • In de periode van 24 mei tot en met 9 juli 2018 en 2019 zijn op 500 locaties visuele fietstellingen uitgevoerd. Per tellocatie zijn 2 (niet aaneengesloten) uren geteld (dus 1.000 metingen). Per locatie is getracht een piekuur en een daluur te tellen. Voor locaties met een hoog aandeel scholieren mag een piek in de ochtendspits worden verwacht, voor locaties met een hoog aandeel woon-werk een piek in de ochtend en avondspits en voor locaties met een hoog aandeel winkel of recreatief een hoog aandeel in de middag. De gemeten verkeersintensiteit is per tellocatie opgehoogd naar een gemiddelde etmaalwaarde.