Zoeken
 
From 1 - 10 / 71
  • Verhoogde woonplaatsen/terpen in het rivierengebied.

  • Dit bestand bevat alle door het rijk en gemeenten beschermde gebouwen en objecten van vóór 1960 in Gelderland. De oudste monumenten dateren van 5300 voor de jaartelling. Dat zijn de grafheuvels. De jongste monumenten zijn 50 jaar oud.

  • Transport van gevaarlijke stoffen vindt plaats over de weg, het spoor, het water en door buisleidingen. Tijdens het transport kunnen dingen misgaan waardoor de gevaarlijke lading kan ontbranden of exploderen of waardoor er bijvoorbeeld giftige gassen ontsnappen via een lek of breuk. In het algemeen geldt dat die wegen op de risicokaart vermeld staan waarvan er bekend is dat er een overschrijding van de wettelijke norm is. Deze norm is het plaatsgebonden risico 10-6.

  • Bij ongevallen gevaarlijke stoffen gaat het om een groot ongeluk op een bedrijfsterrein. Een stof is een gevaarlijke stof wanneer deze giftig, brandbaar of explosief is, of een combinatie van deze eigenschappen heeft. In veel bedrijven in Nederland wordt met radioactief materiaal gewerkt. Op de risicokaart staan alleen kerncentrales, (onderzoeks)reactoren en enkele bedrijven die met hoog-radioactief materiaal werken.

  • Kwetsbare objecten zijn gebouwen waarin zich veel mensen kunnen bevinden of gebouwen waar niet-zelfredzame mensen aanwezig zijn (zieken, bejaarden, kinderen). Op de kaart staan bijvoorbeeld kinderdagverblijven, basisscholen, ziekenhuizen, hotels met meer dan 10 bedden of gebouwen met meer dan 25 verdiepingen. Alle kwetsbare objecten met een PREVAP prioriteit 1 of 2 moeten op de risicokaart.

  • Bij ongevallen gevaarlijke stoffen gaat het om een groot ongeluk op een bedrijfsterrein. Een stof is een gevaarlijke stof wanneer deze giftig, brandbaar of explosief is, of een combinatie van deze eigenschappen heeft. Bedrijven die werken met gevaarlijke stoffen, staan op de risicokaart. De categorie bevat bedrijven die niet als aparte categorie zijn benoemd. In de categorie "Overig" kunnen ook bedrijven worden opgenomen als er een kans is dat bij een ongeval gewonden en/of doden vallen buiten de terreingrens. De eindverantwoordelijke voor de milieuvergunning (meestal de gemeente) moet aangeven voor welke situaties dat geldt.

  • Situaties waar paniek in menigten en vestoring van de openbare orde voorzienbaar is. De risicokaart toont Locatiespecifieke en periodieke evenementen met bijeenkomsten van minstens 5000 personen per keer op een gedefinieerd, beperkt gebied.

  • De doorgaande NAP -20 meter dieptelijn is een vereenvoudiging van de fysieke NAP -20 meter dieptelijn. De fysieke of werkelijke NAP -20 meter dieptelijn is erg grillig en kan onder invloed van zandtransport door stromingen en golven veranderen. Daarom is gekozen voor de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn. Die is vastgelegd in coordinaten en verandert niet. De doorgaande NAP -20 meterlijn is voor Zeeland al in 1993 doorgevoerd in het 'Beleidsplan Voordelta', dat ook ondertekend is door LNV, en voor de rest van de kust in het 'Regionaal Ontgrondingenplan Noordzee' in 2004 en in de 'Nota Ruimte' in 2005/6. In de Nota Ruimte is daar de term 'zeewaartse begrenzing kustfundament' aan gehangen. De ligging van de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn is in overleg tussen V&W, LNV en VROM tot stand gekomen en in coordinaten vastgelegd in het "geopakhuis' bij RWS Noordzee. De NAP -20 meter is niet willekeurig gekozen. In het Deltagebied en in het Waddengebied gaat op die diepte de onderzeese kusthelling over in de vlakkere zeebodem. Lokaal wordt dit wat gecompliceerd door ebdelta's en zandbanken, maar het is wel een goede keus als grens voor het kustsysteem. Daarnaast is op basis van de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn op 2 km zeewaarts hiervan een lijn gedefinieerd ter begrenzing van de grootschalige zandwinning.

  • Het bestand geeft het Provinciaal Primair grondwaterstandsmeetnet weer op basis van veldwerk en waarnemingen middels Waterleidingbedrijf Vitens (NWG en WG). Door Gedeputeerde Staten in 2009 vastgesteld.

  • Bij ongevallen gevaarlijke stoffen gaat het om een groot ongeluk op een bedrijfsterrein. Een stof is een gevaarlijke stof wanneer deze giftig, brandbaar of explosief is, of een combinatie van deze eigenschappen heeft. BRZO-bedrijven zijn de meest risicovolle bedrijven in Nederland.In Nederland vallen bedrijven met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen onder het Besluit risico's zware ongevallen (BRZO). Het BRZO is de Nederlandse invulling van een Europese richtlijn. Het BRZO voegt wet- en regelgeving op het gebied van arbeidsveiligheid, externe veiligheid en rampbestrijding samen. Het doel van het BRZO is het voorkomen en beheersen van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen. Bedrijven die onder deze wet vallen, heten BRZO-bedrijven. Voor deze bedrijven gelden strengere regels dan voor andere bedrijven. BRZO bedrijven zijn verplicht rampenbestrijdingsplannen op te stellen en deze te oefenen met hulpverleners. De vergunningverlener (provincie of gemeente) controleert regelmatig of het bedrijf aan de strenge veiligheidseisen voldoet. Het BRZO is overigens niet van toepassing op onder andere inrichtingen van Defensie, kerncentrales en mijnbouwbedrijven. Daarvoor gelden specifieke wetten of regels.