publicationDateYear

2000

17 record(s)
 
Type of resources
protocol
Years
revisionDateYears
publicationDateYears
From 1 - 10 / 17
  • Actuele vergunningsplichtige grondwateronttrekkingen. De grootte en kleur van het symbool representeren de onttrekkingshoeveelheid in 1993. De attribuuttabellen bij de thema's bevatten o.a. nog gegevens over: het type onttrekking, de naam van de exploitant en de vergunningshoeveelheid.

  • Overstroomd gebied ten behoeve van de verdediging van Nederland in oorlogstijd.

  • Het bestand geeft informatie over de bodem-fysische gelaagdheid in het bodemprofiel tot ca. 1.20 meter diepte. Er worden 23 verschillende eenheden onderscheiden. Elke eenheid representeert een bodemprofiel met een specifieke gelaagdheid. Aan de afzonderlijke bodemlagen in het bodemprofiel kunnen bodemfysische kenmerken uit de Staringreeks worden gekoppeld. De ligging van deze eenheden is afgeleid van de Bodemkaart van Nederland, schaal 1 : 50 000. Hiervoor zijn de eenheden van de bodemkaart geclusterd naar de 23 verschillende bodem-fysische eenheden. De indeling is in 1985 aanvankelijk ontwikkeld op basis van de eenheden van de Bodemkaart van Nederland, schaal 1 : 250 000 voor de z.g.n. PAWN-studies (Policy Analysis for the Watermanagement of the Netherlands)

  • Gebieden die in het verleden zijn overstroomd door oorlogshandelingen in 1940-1945.

  • Uittredend grondwater dat in sloten terechtkomt. Op basis van het verschil tussen het slootpeil en de stijghoogte in het eerste watervoerend pakket. Aangemaakt door het NITG-TNO op basis van de sloten en greppels uit het top10vectorbestand (TDN, 1997?), het Actueel Hoogtebestand Nederland (RWS-MD, 1999) en de stijghoogte in het eerste watervoerende pakket (REGIS, 1998)

  • Slootdempingen en bodemvervuiling: In 1995 is voor het gehele landelijk gebied in Zuid-Holland een Bijzonder Inventariserend Onderzoek naar stortplaatsen en slootdempingen uitgevoerd, het Bio-s. Het betrof een luchtfoto-interpretatie, waarbij luchtfoto's uit 1955 zijn vergeleken met luchtfoto's uit 1992. Daarbij is vastgesteld welke waterlopen en waterplassen die in 1955 nog zichtbaar waren, in 1992 waren verdwenen en waar dus sprake moest zijn van een demping. Op deze wijze werden circa 40.000, tussen 1955 en 1992, gedempte sloten opgespoord. Dat sprake is van een slootdemping, wil nog niet zeggen dat er ook sprake is van bodemverontreiniging. Zo is bekend dat sloten in gebieden waar een ruilverkaveling werd uitgevoerd, vaak gedempt zijn met onverdachte grond die elders binnen het project vrijkwam. Bij individuele percelen bouwland zijn de sloten vaak dicht geploegd en ook in dergelijke gevallen is de aanwezigheid van bodemverontreiniging op voorhand niet aannemelijk. Bij dempingen in het veenweidegebied ligt dat anders, omdat daar vaak gebruik is gemaakt van materiaal dat van elders werd aangevoerd. Deze dempingen moeten op voorhand wel als verdacht worden beschouwd. Verder kan worden gesteld dat dempingen relatief minder vaak voorkomen in vroegere droogmakerijen. Deze kennen namelijk een verkaveling met relatief brede percelen en weinig, overwegend ook nog smalle sloten. Kwaliteit Bij het gebruik van de gegevens over slootdempingen moet rekening worden gehouden met een aantal beperkingen van het bestand. De belangrijkste beperkingen zijn: - Het betreft een interpretatie van luchtfoto's uit de periode 1955 - 1992. Dempingen buiten deze periode zijn dus niet meegenomen. - Het stedelijk gebied en de stedelijke uitbreidingsgebieden uit de periode 1955 - 1992 zijn eveneens buiten het onderzoek gebleven. - Het interpreteren van luchtfoto's in aaneengesloten kassengebieden is, vanwege technische beperkingen met betrekking tot het traceren van gedempte sloten, niet of slechts beperkt uitgevoerd. - Ophogingen, stortplaatsen en slootdempingen zijn tijdens de luchtfoto-interpretatie als één informatielaag vastgelegd. - Als gevolg van misinterpretatie van luchtfoto's moet rekening worden gehouden met een foutenmarge tussen de 0 en 5 procent. Het betreft fouten als gevolg van overschaduwde sloten, door natuurlijke verlanding dichtgegroeide sloten, ten onrechte als sloot geïnterpreteerde greppels en fouten bij het digitaliseren van de foto's. Data wordt vooral door Grondzaken gebruikt. Disclaimer: Deze kaart met slootdempingen is een momentopname en daarom niet volledig. Het is aannemelijk dat er meer sloten gedempt zijn, die niet op deze kaart staan aangegeven. Raadpleeg hiervoor altijd https://topotijdreis.nl/

  • Stijghoogte in het watervoerend pakket 1. Bepaald aan de hand van stijghoogtegegevens van april 1995. Bron: REGIS (1998).

  • De laaggelegen historische natte gebieden.

  • Overstroomde gebieden bij overlaten, bij de westelijke overlaten Bokhovensche en de Baardwijkse overlaten en bij de overlaten voor het gebied van de Beersche Maas.

  • Ligging van watermolens in de afgelopen 8 eeuwen. Omdat in de loop van de tijd watermolens zijn verdwenen en zijn bijgebouwd gaat het om een totaal beeld en niet om een momentopname.