From 1 - 10 / 44
  • Informatie over gebouwen voor de verblijfsaccommodatie, verzameld via enquetes door Toerdata en gekoppeld aan het ACN (Adres Coordinatenbestand Nederland).De gegevens binnen de gemeente Westerveld zijn per januari 2003 door de gemeente geactualiseerd en aangeleverd.

  • De doorgaande NAP -20 meter dieptelijn is een vereenvoudiging van de fysieke NAP -20 meter dieptelijn. De fysieke of werkelijke NAP -20 meter dieptelijn is erg grillig en kan onder invloed van zandtransport door stromingen en golven veranderen. Daarom is gekozen voor de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn. Die is vastgelegd in coordinaten en verandert niet. De doorgaande NAP -20 meterlijn is voor Zeeland al in 1993 doorgevoerd in het 'Beleidsplan Voordelta', dat ook ondertekend is door LNV, en voor de rest van de kust in het 'Regionaal Ontgrondingenplan Noordzee' in 2004 en in de 'Nota Ruimte' in 2005/6. In de Nota Ruimte is daar de term 'zeewaartse begrenzing kustfundament' aan gehangen. De ligging van de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn is in overleg tussen V&W, LNV en VROM tot stand gekomen en in coordinaten vastgelegd in het "geopakhuis' bij RWS Noordzee. De NAP -20 meter is niet willekeurig gekozen. In het Deltagebied en in het Waddengebied gaat op die diepte de onderzeese kusthelling over in de vlakkere zeebodem. Lokaal wordt dit wat gecompliceerd door ebdelta's en zandbanken, maar het is wel een goede keus als grens voor het kustsysteem. Daarnaast is op basis van de doorgaande NAP -20 meter dieptelijn op 2 km zeewaarts hiervan een lijn gedefinieerd ter begrenzing van de grootschalige zandwinning.

  • Op deze kaartlaag zijn alle terreinen en vindplaatsen opgenomen, waarvan zeker is dat er archeologische resten aanwezig zijn. Niet opgenomen zijn de gebieden met een archeologische verwachting. De kaartlaag bestaat zowel uit archeologische, bouwkundige als geografische elementen.

  • Locatie waar in het verleden activiteiten hebben plaatsgevonden die extra aandacht verdienen. Bodemverontreiniging is echter nog niet aangetoond.

  • Locatie waar in het verleden activiteiten hebben plaatsgevonden die extra aandacht verdienen. Bodemverontreiniging is echter nog niet aangetoond.

  • De GT-kaart, Grondwatertrappen op basis van karteerbare kenmerken. Diepte en dynamiek van de grondwaterstand ten opzichte van het maaiveld wordt sinds jaar en dag aangeduid met grondwatertrappen (GT). Grondwatertrappen worden op de bodemkaarten van nat naar droog aangeduid met de Romeinse cijfers I - VIII en zijn gebaseerd op de gemiddeld hoogste en gemiddeld laagste waterstand (afgekort met GHG en GLG).

  • Begrenzing van de kernen op basis van de luchtfoto van 2008.

  • In het door Provinciale Staten van Drenthe op 7 juli 2004 vastgestelde Provinciaal Omgevingsplan Drenthe II staan op kaart 2 van het voorontwerp de bestaande aansluitingen van stroomwegen cq. te ontwikkelen en/of te verbeteren aansluitingen en bestaande knooppunten van personenvervoer cq. te ontwikkelen en/of te verbeteren knooppunten.

  • Dit bestand geeft het weidevogelovereenkomstgebied Leekstermeer en het natuurgebied Hunzedal weer in het kader van het integraal natuurgebiedsplan met betrekking tot natuur- en landschapsdoelen.

  • Bosfunctie. Ontwerp functiekaart, Provinciaal Omgevingsplan Drenthe. POPII, kaart 1.